De diepte in met …. Lotte Piekema over technologie

Datum: 06-05-2022

Zorgprofessionals hebben ervaring met technologie en er zijn veel succesverhalen. Maar daar lijkt het bij te blijven. Waarom wordt er niet meer gebruik gemaakt van de kennis die er is? Om beter te begrijpen wat de barrières en faciliterende factoren zijn bij de invoering van technologie, gaan we dit onderzoeken. Lotte Piekema legt uit hoe dit onderzoek vorm krijgt.

Aanleiding
De inzet van technologie kan de kwaliteit van leven van mensen met een beperking verbeteren. Persoonlijke ontwikkeling en sociale relaties kunnen bijvoorbeeld toenemen door de inzet van technologie. Denk bijvoorbeeld aan een speciale app op de iPad om de zelfstandigheid te vergroten of schakelknoppen waarmee ze kunnen aangeven wat ze graag willen. Ook voor mensen met een ernstig meervoudige beperking (EMB) kan technologie voordelen opleveren. Maar: zij hebben ondersteuning nodig wanneer zij technologie willen gebruiken en deze ondersteuning lijkt niet altijd te worden geboden. Hoe komt dit? Dit gaan we onderzoeken in co-creatie met Koninklijke Visio, een van de partners van de Academische Werkplaats EMB.

Het onderzoek
We gaan kijken naar verschillende aspecten in het implementatieproces. Hierbij gebruiken wij de eerste drie stappen van het model van Wensing & Grol: oriëntatie, inzicht en acceptatie. Hierin wordt bijvoorbeeld gekeken naar de mate waarin mensen zich bewust zijn van technologische innovaties en hoe technologische interventies de zorg kunnen veranderen. Hierbij kijken we naar de zorgprofessional en naar de organisatie.

Houding
Daarnaast wordt gedrag beïnvloed door hoe iemand naar technologie kijkt. We willen daarom ook kijken naar de houding van de zorgprofessional naar technologie. Dit doen we met het UTAUT-model. In dit model wordt gekeken naar de mate waarin de gebruiker technologie accepteert en hoe zijn gedrag hierdoor wordt beïnvloed.

Ontwikkelen vragenlijst
Er wordt een vragenlijst ontwikkeld voor begeleiders, behandelaren, managers en naasten die betrokken zijn bij de invoering van technologie bij mensen met een beperking. Het wordt een slimme vragenlijst, waarbij de vragen worden afgestemd op de doelgroep en de gegeven antwoorden. Een begeleider krijgt bijvoorbeeld andere vragen dan een manager en afhankelijk van het antwoord kan er worden doorgevraagd. In de vragenlijst gaan we in op de verschillende stappen in het implementatieproces van Wensing & Grol en het UTAUT-model.

Doelgroep
In dit onderzoek zijn we specifiek geïnteresseerd naar de invoering van technologie bij mensen met EMB. Daarom kijken we naar de brede doelgroep en maken we onderscheid tussen mensen met een licht verstandelijke beperking, een matige verstandelijke beperking en een ernstige meervoudig beperking. Zo kunnen we zien wat de overeenkomsten en verschillen zijn en waar we op moeten letten bij de inzet van technologie. Zo kan er gericht advies worden gegeven over de invoering van technologie, met als doel om mensen met EMB goed te kunnen ondersteunen bij het gebruik van technologie.

Deelnemen aan dit onderzoek?
Voor de zomer gaan we de vragenlijst uitzetten. Hiervoor benaderen we begeleiders, behandelaren, managers en naasten die betrokken zijn bij de ondersteuning aan mensen met een licht verstandelijke beperking, een matige verstandelijke beperking en een ernstige meervoudige beperking benaderd. Ben je geïnteresseerd en wil je meer weten over het onderzoek? Neem dan contact op met Lotte Piekema (l.piekema@rug.nl).